professioneel werkzaam in gezondheidszorg | WOMAN-II project | home | plattegrond

  Lees de inhoud in uw eigen taal
  Toegang tot Woman-II centra en telemedicine services

Zoeken
   

 De site
 Het web


Psychologie

Auteur:
Alessandra Graziottin
Gynaecologist
Herziene versie: 22/10/2002

Over de overgang

Wat is de overgang?
Symptomen & klachten
Botten, gewrichten en osteoporose
Genital Area & Incontinence Genitaalstreek en incontinentie
Heart & Vessels Hart & vaten
Brain Hersenen
Cancer Kanker
Zelfzorg
Uw arts
Psychologie
Seksleven

Gezondheid behouden

Woordenlijst

Vragen

Nuttige onderzoeken

Nuttige therapieën

Actualiteiten

Links

Neem contact met
ons op




LIBIDOVERLIES VANAF DE PERIMENOPAUZE


LIBIDOVERLIES: UW WOORDEN
Ik had nooit gedacht dat de zin in seks zo snel kon verdwijnen. Ik vond het altijd leuk om liefde te bedrijven. Nu lijkt het of ik bevroren ben, alsof ik opeens frigide ben geworden. Dit gebeurde kort na de verwijdering van mijn baarmoeder en eierstokken vanwege vleesbomen en cysten in de eierstokken. Ik heb geen zin meer, geen enthousiasme, niet voor mijn echtgenoot en ook niet voor een ander. Het lijkt 100 jaar gelden dat ik geprikkeld werd door een kus, door streling of door een nieuw spel. Ik heb andere overgangsklachten, maar dit gebrek aan zin in seks is mijn grootste probleem. Ook voor mijn echtgenoot die mijn onverschilligheid niet verdient. Onze seksuele relatie was altijd de kern van onze huwelijksband en bevrediging.

Lydia



U moet iets doen dokter. De menopauze heeft ons seksleven verstoord. Wij waren altijd een gelukkig paar, ook op seksueel gebied. We hebben geen kinderen en wellicht om deze reden hebben we altijd meer tijd aan onszelf besteed. Ik vind het heel vervelend om te zien dat mijn vrouw zich slecht voelt. Ze beleeft er helemaal geen plezier meer aan en ze is onverschillig geworden ten opzichte van al mijn seksuele benaderingen. Ik ben zo niet blij. Is het echt niet mogelijk om iets te doen, zodat we terugkrijgen wat we vroeger hadden.

Thomas



WIST U DAT?

  • Libido = seksuele zin, lust en drift, seksuele impuls en interesse; it includes the physical drive  and the motivation fysieke drift en motivatie om zich seksueel te gedragen (dat is niet altijd tegelijkertijd aanwezig!)
  • Libido is een Latijns woord dat betekent lust
  • Voor het eerst werd aan Libido
WAT IS LIBIDO PRECIES?

  • Libido wordt beschouwd als datgene dat een persoon motiveert om seks te hebben en het vestigen van zijn/haar aandacht op dat doel
  • Deze subjectieve ervaring wordt vergezeld door en bestaat deels uit diverse fysiologische veranderingen, waarvan vele in voorbereiding zijn voor seksueel gedrag. Deze kunnen beter "opwinding" genoemd worden

“Seksuele lust is normaal een geactiveerde, niet bevredigde mentale toestand van variabele intensiteit, gecreëerd door externe - via de sensorische wegen - of interne stimuli - fantasie, geheugen, cognitie - dat een gevoel van een behoefte of wens aan seksuele activiteit (gewoonlijk met het lustobject) induceert om de behoefte te bevredigen”

Suggested readings:
Bancroft, J. Sexual desire and the brain. Sex. Marital Ther. 1988,3,1,11-27

Levine, S.B. An essay on the nature of sexual desire. J. Sex. Mar. Ther. 1984, 10, 2, 83-96

Levin, R.J. Human Male Sexuality: appetite and arousal, desire and drive. In Legg, C. and Boott, D. Human appetite: neural and behavioural bases. New York and London, Oxford University Press, 1994, pag. 127-16

Graziottin A. Libido, Maturitas 34, Suppl. 1-S9-S16, 2000

Basson, The female sexual response: a different model: J Sex Mar. Ther 26:51-65, 2000

BELANGRIJK:

  • " Libido - of seksuele lust - wordt anders gezien dan seksuele opwinding
  • Seksuele lust is een houding naar iemand terwijl seksuele opwinding een toestand is met specifieke gevoelens
  • mentaal "subjectieve opwinding", d.w.z. als het voelt of je bent "aangezet"
  • perifeer niet genitaal, als je je warm voelt omdat de huid warm is, als de mond nat is, als de tepels hard zijn enzovoorts.
  • genitaal, als je een toename voelt van vaginale congestie en lubricatie, een clitorale prikkeling enzovoorts.
  • Er kan seksuele opwinding zijn zonder seksuele lust en seksuele lust zonder opwinding

WAT ZEGT DE PSYCHOLOOG OVER LIBIDO?

  • Psychologische processen spelen een belangrijke rol bij het menselijke libido
  • We leren sexuele drift op bepaalde tijden en in bepaalde situaties te voelen

Kan mijn stemming mijn libido beïnvloeden?

Ja. Bij een gedrukte stemming zijn we minder geneigd om ervaringen te interpreteren in plezierige seksuele termen. Ondanks gunstige externe condities b.v. de beschikbaarheid van een welwillende en liefhebbende partner, reduceert een depressie de kans op seksuele actie en plezier

WAT ZEGT DE BIOLOOG OVER LIBIDO?
  • In de laatste jaren is het domein van het libido gegroeid om een diepere betekenis te geven aan z'n biologische wortels en aan z'n gevoeligheid aan persoonlijke factoren en externe middelen
  • Vanuit het gezichtspunt van de bioloog kan deze seksuele lust verdeeld worden in tweeën "proceptiviteit" en "receptiviteit".
  • Proceptiviteit refereert aan de wens om te beginnen met of uit te nodigen tot seksueel contact of seksuele stimulatie.
  • Receptiviteit beschrijft de bereidheid van een individu om de seksuele toenaderingen van een ander te accepteren.

Levine, S.B. An essay on the nature of sexual desire. J. Sex. Mar. Ther. 1984, 10, 2, 83-96

WAT GEBEURT ER MET HET LIBIDO BIJ HET BEGIN VAN DE MENOPAUZE?
  • Bij de mens heeft het libido verschillende wortels met een complexe interactie tussen biologische, motiverende en relationele factoren, die alle een remmende of stimulerende rol kunnen hebben.
  • De menopauze kan een kritisch draaipunt voor het libido betekenen, omdat alle bovenstaande factoren grote veranderingen kunnen ondergaan

Wat is de motivatie om seks te hebben??
  • Reproductie - dit is het primaire biologische doel.
  • "Recreationele" seks - het vervolg van plezier.
  • "Instrumentele" seks - met de bedoeling er voordeel van te hebben. De motivatie is verschillend voor plezier en/of voortplanting.

WAAROM VERMINDERT DE SEKSUELE LUST (LIBIDO) OF VERDWIJNT HET ZELFS VOLLEDIG BIJ VEEL VROUWEN NA DE MENOPAUZE?
  • De ovaria produceren minder hormonen die de seksuele lust "voeden" (veranderingen in de seksuele functies van het lichaam).).
  • Niet alleen verandert het lichaam, maar ook de capaciteit om te reageren op een stimulans en "liefdesspelletjes" (veranderingen van de seksuele identiteit van de vrouw en ontvankelijkheid van seksuele gedragingen).
  • Het paar gaat door een duidelijke veranderingsfase dat niet altijd gemakkelijk te accepteren is (veranderingen in de relatie van het paar).

WAAROM ZIJN HORMONEN ZO BELANGRIJK VOOR DE SEKSUELE LUST EN FUNCTIE VAN DE VROUW?
  • De vrouwelijke hormonen, vooral oestrogeen, zorgt voor fysieke lust van een vrouw en voedt haar binnenste gevoel van vrouwelijkheid. Oestrogenen wijzigen inderdaad de groei en handhaving van de conditie en het mooi blijven van de borst, van een zijdezachte huid, omdat deze zorgen voor alle componenten die van belang zijn voor de gezondheid van de huid, van de groei van de genitalia en zelfs van de menstruaties.

  • Oestrogeen is de factor welke verantwoordelijk is voor de werking van het Vaso Intestinal Peptide, een neurotransmitter die de seksdrift "vertaalt" naar vaginale lubricatie. De afwezigheid van oestrogeen kan daardoor leiden tot vaginale droogheid en pijn (dyspareunie) hetgeen het libido kan remmen.

  • Oestrogeen heeft een bijdrage aan de sensorische organen - inclusief de huid - die de belangrijkste receptoren zijn voor de externe seksuele stimuli. Sensorische organen brengen de basisinformatie over, welke gemengd met emotionele en affectieve boodschappen, bijdragen aan het structureren van de kern van de seksuele identiteit en het zelfbeeld, die zeer relevant zijn voor de persoonlijke perceptie van het zijn van een "lustobject".

  • De piek van de androgeen productie tijdens de ovulatie is van vitaal belang, tezamen met oestrogeen, voor het vaststellen van de begeerte van seksueel gedrag.

  • Androgeen geeft een vrouw vitale energie en positief denken. Een androgeengebrek kan niet alleen leiden tot verlies van pubishaar en een reductie van spiermassa en kracht, maar ook tot een onaangename verandering van de lichaamsvorm (hetgeen potentieel de seksuele identiteit van de vrouw vermindert) met een toename van vet in de taille en maag.

  • Androgeen heeft ook een positief effect zowel op de hersenen - toename van seksuele fantasieën en erotische dromen - en in het algemeen op de conditie van de externe vrouwelijke genitalia. Tezamen met oestrogenen helpt dit de lubricatie - waardoor de penetratie prettiger is - en secundair handhaaft dit het libido vanwege de herinnering aan eerdere prettige ervaringen.

Graziottin A. Libido,  Maturitas 34, Suppl. 1-S9-S16, 2000

WELKE ANDERE SENSORISCHE ORGANEN WORDEN DOOR HORMONEN BEINVLOED NAAST DE HUID?
  • Geur Chemoreceptie is de capaciteit om chemische boodschappen te ontvangen vanuit de omgeving
    • Olfactie (b.v. geur) is het meest verfijnde gevoel gebaseerd op chemoreceptie; de andere is smaak. Het is hormoonafhankelijk, waardoor die verandert tijdens de ovariële cyclus met verhoogde geurgevoeligheid optredend ten tijde van de ovulatie.
    • Een afname van de geurgevoeligheid verandert de reactie op feromonen, d.w.z. op chemische boodschappen die afgegeven worden door dieren van hetzelfde soort.
    • Seksuele aantrekkingskracht is een van de belangrijkste functies die door feromonen worden gewijzigd, zelfs bij mensen.
    • Dit tezamen met een afname van de productie van feromonen (chemisch aantrekkelijke substanties) die bijdragen aan de " geur van een vrouw" typisch tijdens de fertiele leeftijd, zou verantwoordelijk kunnen zijn voor zowel de verminderde eigen perceptie van een seksueel lustobject als voor de verminderde aantrekkelijkheid voor de partner.

  • Smaak.Smaakreceptoren gelokaliseerd op uw tong worden ook beïnvloed door sekshormonen. Ze kunnen ook feromonen waarnemen.
    • Dit verklaart dat als u de geur van de huid van uw partner lekker vindt, u gewoonlijk ook de smaak van zijn/haar kussen lekker vindt (natuurlijk alleen als de persoonlijke hygiëne goed is). En daarentegen als u zijn/haar geur niet meer lekker vindt, u ook een afkeer krijgt tegen de smaak van zijn/haar kussen.
    • Liefde, evenals seksuele aantrekkingskracht of afkeer heeft z'n wortels in erg primitieve "verouderde" lichaamssignalen, alle gevoed door sekshormonen
    • Waarom dit? Omdat receptoren voor sekshormonen zeer verspreid zijn in alle vrouwelijke weefsels, inclusief de sensorische organen, naast de hersenen.
    • Sekshormonen zijn inderdaad als lymfe die het gehele lichaam van d vrouw voeden. Om het eenvoudig te zeggen, als we een hormoon vergelijken met een sleutel dan zijn de receptoren sloten. Als deze een interactie hebben wordt het gehele celmechanisme stil gezet, waarbij alle proliferatieve of reparatieve cellulaire processen en functies worden geactiveerd.
    • Smaak is een andere belangrijke biologische en emotionele factor in de sensatie van seksdrift, vooral bij vrouwen.
    • De toename van speekselafscheiding tijdens de sekslust en opwinding is een sterke voorspellende factor van de kwaliteit van het seksuele genieten.
    • Droogheid van de mond, vaak voorkomend tijdens de menopauze zou een factor kunnen zijn van de biologische wijziging van het libido. Het wordt gemeld door 45% van de gezonde postmenopauzale vrouwen , tot 65% van degenen die andere medicatie hebben dan hormoonsuppletie therapie

  • Tast.Een sterk seksueel communicatieve huid hangt af van een mengeling van goede genen, optimale endocriene verzadiging, goede feromoonproductie en ontvangst, plus uitstekende hersenactiviteit voor het beheren van perifere informatie vanuit het sensorische orgaan welke toeneemt door interne seksuele en emotionele prikkels.
    • Liefde, evenals libido is de sterkste aantrekkingskracht voor een paar om zich te binden via het aanraken van de huid
    • Het verlies van sekshormonen ontneemt de huid 2% van het totale collageen per jaar, tot 15 jaar na de menopauze: daarom neemt rimpelvorming enorm toe na de menopauze!
    • Door dit verlies daalt ook de talgklierproductie met 38%: daarom wordt de huid droger. En dit leidt er ook toe dat de huid droger blijft, ondanks het gebruik van vochtinbrengende crèmes, tenzij u een goed afgestemde lage dosis HST gebruikt!
    • Het beste dat u kunt doen voor het behoud van een jongere, zachtere en meer seksueel aantrekkelijke huid is: 1) het hebben van de juiste levensstijl (niet rokend, veel fruit/groente, regelmatige lichaamsbeweging, weinig blootstelling aan de zon; 2) het hebben van de juiste dermatologische gezichtsverzorging; 3) het voeden van de huid met een goed afgestemde HST.

  • Visie.35% van de postmenopauzale vrouwen klagen over stoornissen van het gezichtsvermogen als gevolg van oestrogeengebrek. De meeste verbeteren met HST.
    Het is mogelijk dat al deze subtiele postmenopauzale veranderingen van de functie van de sensorische organen zouden kunnen bijdragen aan een verslechtering van het libido met de leeftijd.

Graziottin, A., Sexuality and the Menopause, in Studd J(ed) The Management of the Menopause-Annual Review, London, Parthenon Publishing, 1998, 49-57

Graziottin,A., Estrogeni, Funzioni psichiche e organi di senso, Società italiana del pavimento pelvico ed, Milano 1999

Brincat M. The skin at the menopause Parthenon Publishing, London, 2001

ZIJN ER ANDERE FACTOREN DIE KUNNEN LEIDEN TOT EEN SECUNDAIR LIBIDOVERLIES?
JA

a) Fysiek:
  • Actieve aandoeningen of ziekten
  • Medicijnen
  • Drugs
  • Roken
  • Alcohol

b) Psychosomatisch:
  • Depressie
  • Angst
  • Chronische stress, ofwel problemen in de familie of aan het werk gerelateerde problemen

c) Psychoseksueel:
  • Opwindingsstoornissen
  • Moeilijkheden met het orgasme
  • Seksuele ontevredenheid (zowel fysiek als emotioneel)

d) Partner gerelateerd:
  • Fysieke en/of seksuele problemen
  • Conflicten bij het paar, frustraties, teleurstellingen

SAMENVATTEND, zoals eerder gezegd zou een nauwkeurige evaluatie gemaakt moeten worden van alle potentiële factoren die bijdragen, indien er een goede diagnose gesteld moet worden en een afgestemde behandeling ingezet moet worden!

Inderdaad is de seksualiteit van de vrouw MULTIFACTORIEEL: het hangt af van:
  • biologische
  • psychoseksuele
  • omgevingsafhankelijke factoren

Het is ook MULTISYSTEMISCH: d.w.z. de integriteit en juiste functie is nodig van:

  • hormonen
  • vaten
  • zenuwen
  • spieren
  • immuunsysteem etc.

Als laatste, maar niet onbelangrijk is er een grote variatie afhankelijk van de levensfasen en de eraan gerelateerde ervaringen; denk alleen maar aan de fysiologie, d.w.z. normaal, veranderingen in seksdrift en ervaring rond zwangerschap, kraambed, gezinsproblemen, menopauze…


WAT KAN GEDAAN WORDEN AAN HET VERBETEREN VAN LIBIDOSTOORNISSEN NA DE MENOPAUZE?
  • Begin met een goed afgestemde Hormoon Suppletie Therapie (HST) die werkt op biologische basis van seksdrift na de menopauze. Hiervoor is nodig:
    • alleen oestrogenen als de vrouw geen uterus meer heeft, maar wel haar eierstokken;
    • oestrogenen en progestagenen, als ze nog haar uterus en eierstokken heeft;

  • Androgenen zouden overwogen moeten worden als ze lijdt aan het zogenaamde "Female Androgen Deficiency Syndrome". Androgenen lijken inderdaad de belangrijkste hormonen voor de seksualiteit van een vrouw. Androgeen suppletie therapie zou een drievoudige werking hebben:
    • Stijging van de gevoeligheid voor psychoseksuele stimulatie, hetgeen bijdraagt aan de "seksueel geactiveerde mentale status" dat typisch is voor een goed libido.
    • Stijging van de gevoeligheid van de externe genitalia.
    • Stijging van de intensiteit van seksuele bevrediging.

de juiste behandeling zou altijd afgestemd moeten worden door uw arts na een nauwkeurige klinische evaluatie van biologische, psychoseksuele en omgevingsfactoren!


[Terug naar boven]   [Volgende artikel]



SEKSUELE OPWINDINGSSTOORNISSEN

Een seksuele opwindingsstoornis geeft een blijvend of een herhalend onvermogen aan om voldoende seksuele prikkelbaarheid te bereiken of te handhaven, hetgeen persoonlijke onrust veroorzaakt, dat uitgedrukt kan worden als een gebrek aan subjectieve prikkelbaarheid of genitale (lubricatie/zwelling) of andere somatische reacties.

De definitie geeft aan dat bij vrouwen hun subjectieve perceptie van onvoldoende prikkelbaarheid de belangrijkste klacht kan zijn, als dit persoonlijke onrust veroorzaakt. Tegelijkertijd en anders dan bij mannen, die meer gericht zijn op de genitale reactie leidend tot een erectie, kunnen vrouwen lijden aan onvoldoende:

  • centrale opwinding, als ze zich niet subjectief of mentaal geprikkeld voelen
  • niet-genitale-perifere opwinding, als ze zeggen dat de huid koud blijft, de tepels niet hard zijn en niet reageren, de mond weinig bevochtigd blijft of droog
  • genitale opwinding, als de vagina droog en weinig doorbloedt is en de externe genitalia geen congestie of zwelling vertonen

Hoeveel vrouwen lijden aan opwindingsstoornissen?
  • Opwindingsstoornissen worden gerapporteerd door 19-20% van de vrouwen in epidemiologische studies. Dit getal kan stijgen tot 39-50% bij postmenopauzale seksueel actieve patiënten.
  • Vaginale droogheid wordt gerapporteerd als een specifieke klacht welke toeneemt naarmate de menopauze langer geleden is, vooral bij slanke vrouwen die geen endocriene bijdrage hebben van de androgene conversie naar oestrogenen in het vetweefsel en bij degenen met een lage frequentie van coïtus. Er zijn geen gegevens gerapporteerd over de prevalentie van specifieke subtypen van opwindingsstoornissen.
  • De afname van speekselsecretie tijdens de opwinding of orale intimiteit kan alleen afgeleid worden uit studies die rapporteren dat tot 45% van de vrouwen na de menopauze klagen over enige droogheid van de mond, waarbij dit getal stijgt tot 65% als ze op medicatie staan, anders dan HST


Wat stimuleert vrouwen tot opwinding?
Mentale opwinding kan gestimuleerd worden via verschillende wegen:
  • biologisch door androgeen, dat de volgorde van fysiologische gebeurtenissen activeert tot de duidelijke fysieke reactie van het gevoel "aangezet" te zijn, vochtig worden en goed doorbloedt;
  • psychologisch door motiverende krachten zoals "intimiteitbehoeften" waarbij de bewoording alle affectieve liefdesbehoeften, zachtheid, aandacht, verbondenheid en commitment vertoont, die vrouwen hebben.

Wat gebeurt er in het lichaam van de vrouw als de opwinding begint?
  • Mentale opwinding kan zowel de niet-genitale-perifere als de genitale opwinding activeren.
  • Het is ook aannemelijk dat de fysieke stimulatie, met het niet-genitale en genitale voorspel en de reactie op seksuele aanwijzingen zowel de mentale als genitale opwinding verder laat toenemen..
  • Bij succesvolle seksuele opwinding produceren de meeste vrouwen verhoogde hoeveelheden van het vaginale transudaat, dat bijdraagt aan de vaginale lubricatie.
  • Deze transudaatproductie stijgt omdat de bloedvaten die het capillaire vaatbed voorzien, gedilateerd worden als gevolg van de afgifte van de neurotransmitter VIP (Vaso Intestinal Peptide), de krachtigste neurotransmitter die seksdrift vertaalt naar vaginale lubricatie.
  • Oestrogenen worden gezien als krachtige "faciliterende factoren" voor het VIP.

Hoe verandert de opwinding na de menopauze?
  • De reductie van de vaginale lubricatie is een van de meest voorkomende klachten van postmenopauzale vrouwen
  • Sarrel merkte op dat als de plasma oestradiolconcentratie onder de 50pg/ml was (normale range fertiel fase is 100-200pg/ml) vaginale droogheid gerapporteerd wordt.
  • Laan en Lunsen echter, interpreteerden hun studie bij seksueel opgewonden postmenopauzale vrouwen eerder in termen van een inadequate erotische stimulatie (en pre-existerende opwindingsstoornis) dan van een postmenopauzale vasculogene dysfunctie.

Wat gebeurt in de vagina na de menopauze?
  • Na de menopauze laten fysiologische studies zien dat: er een toename is van de vaginale pH van 3,5-4,5 tot 5.0-5.4, als gevolg van een verminderde glycogeenproductie en metabolisme tot melkzuur; ;
  • een gemiddelde reductie van 50% van de vaginale secreties

Wanneer bemerkt een vrouw dat er een opwindingsprobleem in het spel is?
  • Veranderingen in de kwantiteit van de secreties leidend tot het gevoel van "droogheid" wordt subjectief waarneembaar vier tot vijf jaar na de menopauze.
  • Na een maand geconjugeerde oestrogenen (ofwel 0,625 of 1,25/dag oraal) is er een snelle stijging van de doorbloeding met een reductie van de pH en een stijging van de vaginale secretie
  • Bij topische behandeling met kleine vaginale tabletten die slechts 25 microgram 17-beta estradiol bevatten is recent aangetoond dat deze even effectief en beter getolereerd werden dan de 1.25 mg geconjugeerde equine oestrogeen vaginale crème bij het verlichten van atrofische vaginitis, inclusief droogheid en opwindingsmoeilijkheden.

WELKE VRAGEN ZAL DE GYNAECOLOOG STELLEN OM DE DIAGNOSE TE KRIJGEN?
Als gevolg van de vaak voorkomende co-morbiditeit en de vele gemeenschappelijke etiologieën tussen de verschillende seksuele stoornissen bij de vrouw, kunnen veel vragen een overlap geven van de eerder gepresenteerde vragen voor de hypoactieve sekslust. De onderstaande vragen zijn specifiek gericht op opwindingsstoornissen rond de menopauze.

1)Wanneer bemerkte u dat u meer moeite had om opgewonden te raken? Heeft u dit probleem eerder gehad vanaf het begin van uw seksleven ("levenslang")? Of is dit een nieuwe ervaring die slechter werd in de postmenopauze ("verworven")?

A Een levenslang probleem is over het algemeen afhankelijk van psychoseksuele zaken, terwijl een probleem dat optreedt of verslechterd na de menopauze een biologische etiologie kan hebben door het verlies van hormonen secundair aan de menopauze

2)Komt het in het algemeen voor of heeft u dit probleem alleen met uw huidige partner of in speciale situaties(situationeel)?

Zoals gemeld duidt het gegeneraliseerde probleem meer op persoonlijke -biologische en/of psychodynamische - factoren, terwijl de situationele meer een interpersoonlijke etiologie aangeeft. In het laatste geval zou de interactie tussen het paar en/of partner problemen aan de orde moeten komen.

3)Voelt u zich mentaal gemakkelijk geprikkeld of voelt u zich "neutraal" en moet uw partner het initiatief nemen om te beginnen om "aangezet"te worden? Als u begint zich geprikkeld te voelen, heeft u dan het gevoel of uw hele lichaam reageert, of dat iets in uw genitalia "blokkeert". Een selectieve genitale slechte reactie kan te maken hebben met vasculaire factoren (veel roken, hypercholesterolemie, atherosclerose) en/of ernstige atrofische genitale involutie als gevolg van langdurig verlies van sekshormonen. Het kan duidelijker gemeld worden bij vrouwen die hun seksuele activiteit hervatten na jaren van abstinentie (zoals het geval kan zijn bij nieuwe relaties bij alleenstaande of gescheiden vrouwen of bij weduwen).

4)Heeft u last van een droge mond? Indien ja, heeft u bemerkt dat het niet verandert als u uw partner kust?
Dit kan wijzen op een niet-genitale-perifere opwindingsstoornis met bovendien involutie van de speekselklieren secundair aan het langdurige hypo-oestrogenisme.

5)Wordt u normaal vochtig tijdens het voorspel en verdwijnt de lubricatie ineens als de coïtus begint?

Dit kan niet alleen op een fobische reactie op de coïtus wijzen (tezamen met vaginisme) maar ook op het ontstaan van pijn met verschillende etiologieën (zie dyspareunie).
Pijn is de sterkste reflexremmer van de opwinding bij niet-masochistische vrouwen.

WAARNAAR ZOU DE GYNAECOLOOG MOETEN KIJKEN?

In geval van geklaag over opwindingsstoornissen zou de clinicus moeten kijken naar:
a)hormoonprofiel
b)algehele gezondheid en van het bekken, gericht op het WELBEVINDEN van de bekkenbodem: vaginaal, clitoraal, vulvair, bindweefsel en spier, kijken naar zowel hypertonische als hypotonische condities van de bekkenbodem;
c)biologische factoren die pijn veroorzaken in de vagina en/of het bekken (zie dyspareunie);
d)vasculaire factoren (roken, hypercholesterolemie, atherosclerose) die de genitale opwindingsreactie kunnen verslechteren;
e)huwelijkse status en aan de partner gerelateerde problemen (algemeen en seksuele gezondheid)
f)psychodynamische factoren ofwel persoonlijk of interpersoonlijk
g)kwaliteit van het seksuele voorspel, motivatie op de intimiteit en mentale & fysieke ontvankelijkheid op seksuele aanwijzingen

  • Als het opwindingsprobleem verworven en gegeneraliseerd blijkt te zijn en verslechtert na de menopauze, dan kan HST de eerste keus voor behandeling zijn
  • Oestrogeen, voor de vaginale lubricatie en congestie en androgeen, voor de clitorale en vestibulaire reactie kunnen de beste verbetering bieden omdat deze werken op verschillende dimensies van het seksuele circuit, de seksdrift en opwinding verbeteren (centraal, niet-genitaal-perifeer en genitaal) waardoor ook het orgasme gunstig wordt beïnvloed.
  • Soms is het nodig om aan de systemische behandeling een topicale dosering toe te voegen om de genitale reactie te optimaliseren.
  • Topicale oestrogene behandeling alleen kan voldoende zijn om de vaginale lubricatie te herstellen, mits andere interpersoonlijke remmende factoren niet in het spel zijn.
  • Topicale androgeen behandeling kan de clitorale opwinding (congestie en vergroting) verbeteren hoewel er voor zover bekend bij de auteur geen prospectieve studies gerapporteerd zijn
  • Herstel van de bekkenbodem is nodig om de contractiereflex, als reactie op de droogheid welke verdere pijn en remming van de lubricatie veroorzaakt als de coïtus geïnitieerd wordt, te beperken.
  • Het kan ook nuttig zijn om de tonus van de musculus levator ani te verbeteren, dus de vaginale gevoeligheid en het plezier te vergroten, mits de lubricatie en de vaginale conditie hormonaal hersteld zijn.
  • Niet-hormonale geneesmiddelen, zoals sildenafil, worden overwogen bij vrouwen die klagen over opwindingsstoornissen en geen hormonen kunnen gebruiken (bijvoorbeeld, vanwege hormoonafhankelijk kanker) of omdat ze dit niet willen. Voorlopige resultaten zijn bemoedigend als de diagnose van zuivere (of dominante) opwindingsstoornissen van de vrouw gesteld is.

References
Bancroft J. Graham C. McCord C Conceptualizing Women’s Sexual problems JSMT 27:95-103, 2001

Barlow DH, Cardozo L, Francis RM et al  Urogenital ageing and its effect on sexual health in older British women  Br J Obstet Gynaecol 104: 87-91; 1997

Basson R. Are pur definitions of women’s desire, Arousal and sexual pain disorders too broad, and our definition or orgasmic disorder  too narrow? JSMT 28:289-300, 2002

Basson R A model of women’s sexual arousal JSMT 28, 1-10, 2002

Caillouette JC Sharp CE. Zimmermann GJ Roy S Vaginal pH as a marker for bacterial pathogens  and menopausal status Am.J.Obstet.Gynecol. 176:1270-1277,1997

Graziottin A. Sexual function in women with gynecologic cancer: a review It.J.Gynec.Obstet.2:61-68, 2001

Levin RJ  The mechanism of human female sexual arousal  Ann Rev Sex Res 3: 1-48;1992

Levin RJ Measuring the menopausal genital changes- a critical account of laboratory procedures past and for the future in Graziottin A (ed) Menopause and Sexuality ,Menopause Review, IV (4):49-57,1999

Goldstein I, Berman JR  Vasculogenic female sexual dysfunction: vaginal engorgement and clitoral erectile insufficiency syndromes Int J Impotence Res 10: S84-S90; 1998

Hagedorn M. Buxmeyer B. Schmitt Y Bauknecht T. Survey of lichen sclerosus in women and men Arch. Gynecol. Obstet.266:86-91,2002

Notelovitz M. A practical approach to postmenopausal hormone therapy Ob/Gyn, Special ed. MacMahon>, New York, April 2002

Tarcan T. Park.K Goldstein I Maio G Fassina A. Krane RJ histomorphometric analysis of age related structural changes in human clitoral cavernosal tissue J.Urol 161:940-4,1999

[Terug naar boven]   [Voorgaande artikel]   [Volgende artikel]



ORGASME STOORNISSEN

De orgasme stoornis is gedefinieerd als blijvende of herhalende moeite, vertraging van of afwezigheid van het bereiken van een orgasme als gevolg op voldoende seksuele stimulatie en opwinding, hetgeen persoonlijk ongemak veroorzaakt.

Hoe vaak treden orgasme stoornissen op?
  • de orgasme stoornis wordt gerapporteerd bij gemiddeld 25% van de vrouwen tijdens hun fertiele jaren in een epidemiologische studie.
  • na de menopauze stelt 20% van de vrouwen, die een menopauzekliniek bezoeken dat "hun clitoris dood is", volgens Sarrel en Whitehead en zelfs meer - als er goed naar wordt geluisterd - rapporteren een toenemende moeite en vertraging van het bereiken van een orgasme en een progressieve intensiteit van het vervagen ervan
  • in een zeer recent bevolkingsonderzoek van postmenopauzale vrouwen werd de moeilijkheid om een orgasme te bereiken met "altijd" gerapporteerd door 15%, "soms" 22,2% en "zelden" 37.8%. Slechts 25% zei, dat ze nooit moeilijkheden hadden met het orgasme.

Wat is normaal de stimulans voor het orgasme?
  • Het orgasme is een sensore-motorische reflex dat door een aantal verschillende stimuli, fysiek en mentaal gestimuleerd kan worden.
  • Er is zelfs geen directe genitale stimulatie voor nodig. Het mentale orgasme dat gedemonstreerd werd onder laboratoriumcondities (voor de toename van de pijndrempel wanneer het orgasme werd vermeld als zijnde mentaal waargenomen) heeft een optimale seksdrift nodig en intense mentale opwinding, zowel biologisch als motiverend.
  • De korte medullaire reflex kan de spierreactie stimuleren, gekarakteriseerd door de onwillekeurige contractie (tussen drie tot acht keer, in enkele of repeterende volgorde) van de musculus levator ani d.w.z. de perivaginale spieren. Dit wordt gewoonlijk vergezeld door een variabele plezierige sensatie.
  • De orgasme reflex kan vergemakkelijkt worden of geblokkeerd respectievelijk door corticomedullaire vezels die zowel prikkelende stimuli (als de centrale opwinding maximaal is) of remmende als de opwinding slecht is of als prestatieangst ongedwongenheid tegengaat en de adrenerge input activeert, waardoor de opwindingsreactie verstoord wordt. De remmende vezels zijn meestal serotonerg: dit verklaart de remmende effecten van een SSRI op het orgasme van zowel mannen als vrouwen.
  • Men heeft op een biologische correlatie gewezen voor de klacht van het verslechteren van de clitorale ontvankelijkheid met de leeftijd, vooral na de menopauze. Het clitorale cavernosale erectiele weefsel bestaat uit glad spierweefsel en bindweefsel. Tarcan et al gebruikten computer gestuurde histomorfometrische beeldanalyse om de leeftijdgeassocieerde veranderingen van de clitorale cavernosale inhoud van glad spierweefsel en bindweefsel vast te stellen.
  • Deze studie toonde een sterk verband tussen stijging van leeftijd en daling van clitorale cavernosale gladde spiervezels, hetgeen een tot nu toe niet vastgestelde pathofysiologische rol kan spelen bij de leeftijdgerelateerde clitorale seksuele dysfunctie.
  • Het geeft ook aan dat vulvaire veroudering een uitgebreid proces is, waarbij alle genitale structuren, cutane en mucosale, submucosale, cavernosale, vasculaire, musculaire en neurologische betrokken zijn, waardoor de complexe biologische achtergrond van de seksuele reactie verminderd wordt.


WELKE VRAGEN ZAL UW ARTS STELLEN OM EEN HELDERE DIAGNOSE TE KRIJGEN?

Wanneer bemerkte u moeite met het orgasme te hebben? Heeft u altijd blijvende of herhalende moeite met het orgasme gehad (levenslang) of heeft u dit verschijnsel of deze verslechtering opgemerkt na de menopauze (verworven)?
  • Postmenopauzale vulvaire veroudering kan verder de congestieve fase van de orgasme reactie verslechteren, vooral bij vrouwen die lijden aan lichen sclerosus, een versnelde veroudering en dystrofie van de vulva.
  • Van topische androgeen behandeling, toegestaan voor lichen sclerosus, is anekdotisch gerapporteerd dat de fysieke sensatie en het clitorale genot verbetert na drie - zes maanden behandeling. Voor zover bekend bij de auteur zijn er tot nu toe geen gecontroleerde studies gericht op het effect van topicale androgeenbehandeling op de seksualiteit gerapporteerd

Is het gegeneraliseerd (in elke situatie en onafhankelijk van de partner) of is het situationeel?
  • Als het gegeneraliseerd is, wijst het meer op een biologische component, vooral al de seksdrift gehandhaafd blijft.
  • Het gebruik van antidepressiva (vooral SSRI en clomipramine) zou onderzocht moeten worden, omdat dit gebruik een van de meest voorkomende onopgemerkte oorzaak is van verworven, gegeneraliseerde, biologisch gebaseerde (en reversibele) orgasme stoornissen bij vrouwen (evenals bij mannen)

Wat veroorzaakt naar uw mening de orgasme stoornis?"
Deze vraag is nuttig voor de diagnose van andere interfererende factoren. Bijvoorbeeld:
  • verergering van incontinentie, vooral urge-incontinentie, kan het bereiken van het orgasme blokkeren uit angst voor lekkage;
  • pijn, depressie
  • te snel voorspel; verlies van seksdrift en opwinding; ontevredenheid met de huidige relatie; seksuele en/of gezondheidsproblemen van de partner
  • alcoholmisbruik
Voelt u een selectief verlies van uw clitorale gevoeligheid en vermogen om te genieten en/of een vermindering van het coïtale genot?
  • Als de klacht gericht is op de clitoris en involutie of dystrofie aanwezig is, dan kan topicale androgeenbehandeling nuttig zijn.
  • Als het coïtaal is, zouden twee andere aandachtspunten aan de orde moeten komen:

a)Heeft u een verminderde coïtale sensatie?
  • Dit laatste kan wijzen op een verslechterde hypotonie van de perivaginale spieren. Het verlies van oestrogenen rond de menopauze kan niet alleen een geleidelijk verlies van het bindweefsel van de bekkenbodem veroorzaken tot tien jaar na de menopauze, maar ook een verlies van de spiercomponent, waardoor de tonus van de spier zelf beïnvloed wordt.
  • Aangezien het vaginale genot en de gevoeligheid ook fysiek afhankelijk zijn van de tonus van de perivaginale spieren, kan deze afname selectief de coïtale component van het orgasme beschadigen.
  • HST dat bijdraagt aan een betere bindweefsel, spier en vasculaire reactie, kan indirect meewerken aan het behoud van een beter orgasme
  • Electromyografische vaginale biofeedback en/of fysiotherapeutisch herstel van de bekkenbodemspieren, kan de tonus, sterkte en motorische prestatie van de perivaginale spieren verbeteren, zodat zowel de coïtale gevoeligheid als de stressincontinentie, vaak geassocieerd met de hypotone condities van de bekkenbodem, verbeteren

b)Voelt u pijn tijdens de coïtus?
Pijn van welke oorsprong dan ook kan een reflexblokkade veroorzaken van de opwinding en van het orgasme.

HOE KAN EEN ARTS DE DIAGNOSE BEVESTIGEN?

De arts, seksuoloog, zou bij perimenopauzale vrouwen moeten kijken naar de volgende aspecten, volgens het scenario dat naar voren komt vanuit de anamnese:
1)de hormonale balans;
2)symptomen van vulva dystrofie en specifiek van clitorale en vaginale veroudering; verslechterende consequenties van rituele genitale mutilaties zouden geëvalueerd moeten worden;
3)symptomen van incontinentie, van hypotone of hypertone bekkenbodem;
4)iatrogene orgasme stoornissen, als potentieel orgasme-remmende geneesmiddelen zoals antidepressiva, voorgeschreven worden;
5)huwelijksproblemen;
6)gezondheid van de partner of seksuele problemen, zoals erectiele gebreken of premature ejaculaties;
7)psychologische stoornissen, depressie, angst;
8)neurologische ziekten.

IS ER EEN BEHANDELING VOOR ORGASME STOORNISSEN IN DE PERI- EN POSTMENOPAUZE?
Ja, als de diagnose juist is en verschillende biologische en psychoseksuele problemen en/of problemen van het paar goed herkend worden en in het perspectief van een zinvol en uitgebreid beeld zijn geplaatst.

References
Barlow, D.H., Cardozo, L., Francis, R.M. et Al. Urogenital ageing and its effect on sexual health in older British women Br.J.Obstet.Gynecol. 1997; 104:87-91

Barnes, T. The female partner in the treatment of erectile dysfunction: what is her position? Sex. Marital Ther. 1998;13 (3): 233-8

Brincat M.(ed), Hormone Replacement Therapy and the Skin, New York, Parthenon Publishing, 2002

Cardozo L, Bachmann G, McClish D, Fonda D, Birgerson L. Meta-analysis of estrogen therapy in the management of urogenital atrophy in postmenopausal women: second report of the hormones and urogenital therapy committe  Obstet Gynecol  1998; 92: 722-734

Dennerstein, L., Lehert P. Burger, H. Garamszegi C. Dudley, E.C ., in Studd J. (ed) The management of the menopause. The millennium review Menopause and Sexual functioning Parthenon Publishing, London, 203-210,2000

Kegel, A. Sexual function of the pubococcygeus muscle West J.Surg.1952;60:521-4

Levin, R.J. The impact of the menopause on the physiology of genital function. in Graziottin A. (Ed) Menopause and Sexuality, Menopause Review, dec 1999; IV(4): 23-32

Madelska K. Cummings S. Tibolone for post-menopausal women: systematic review of randomized trials J. Clin. Endocrinol. Metabolism 87  (1):16-23,2002

Meeuwsen IB, Samson MM, DuursmaVerhaar HJ. Muscle strenght and tibolone: a randomized, double blind, placebo-controlled trial: Brit.J.Obstet. Gynecol.109 (1) 77-84,2002

O'Connell, H.E., Hutson, J.M., Anderson, C.R., Plenter, R.J. Anatomical relationship betweeen  urethra and clitoris J.Urol.1998;159:1892-7

Renshaw, D.C. Coping with an impotent husband, Illinois Medical Journal, 1981;159: 29-33

Rioux, J.E., Devlin, M.C., Gelfand, M.M. et Al. 17 beta estradiol vaginal tablet versus conjiugated equine estrogen vaginal cream to relieve menopausal atrophic vaginitis, Menopause, 2000; 7 (3), 156-61

Rosen, R.C., Lane, R., Menza M., Effects of SSRIs on sexual function: a critical review J Clin Pharmacol. 1999; 19 (1): 67-85 

Shifren, J.L., Glenn, D., Brauntsein, M.D., et Al Transdermal testosterone treatment in women with impaired sexual function after oophorectomy NEJM 2000;343(10): 682-8

Tarcan,T., Park, K., Goldstein. I., Maio, G., Fassina. A., Krane. R.J. Histomorphometric analysis of age related structural changes in human clitoral cavernosal tissue J.Urol.1999; 161:940-4


[Terug naar boven]   [Voorgaande artikel]   [Volgende artikel]



PIJNLIJKE SEKSUELE GEMEENSCHAP VANAF DE PERIMENOPAUZE


  • 30 - 33% van de perimenopauzale vrouwen klagen in wisselende mate over pijn tijdens seksuele gemeenschap
  • De pijn kan het gevolg zijn van zowel fysieke als psychologische factoren
  • Alle oorzakelijke factoren moeten voor de diagnose overwogen worden voordat een effectieve therapie wordt gekozen
  • Met een geschikte behandeling is het genezingspercentage erg hoog


PIJN TIJDENS COITUS IN UW EIGEN WOORDEN:

De pijn nam steeds meer toe dokter. Ik probeerde mijn best te doen om door te gaan. Deze afschuwelijke pijn zal ophouden, bleef ik tegen mezelf zeggen. Dit was niet het geval. Ik transpireerde en beefde. Het leek of ik gemarteld werd. Ik voelde me zo slecht dat mijn man, John teleurgesteld stopte. We probeerden het nog twee keer, hetzelfde drama. Dat was genoeg. Langzamerhand was onze fysieke relatie vrijwel tot nul gereduceerd, ondanks dat we helemaal gek waren op elkaar.

Carla



Het ergste is de pijn, dokter. Zelfs als ik mezelf dwing, ben ik zo droog dat er kloofjes ontstaan in mijn vagina, die dagenlang branderig zijn. Ik heb geprobeerd glijmiddelen te gebruiken, maar deze helpen niet erg. Tevens krijg ik soms blaasontsteking. Ik kan zo niet doorgaan. Mijn partner is ook ontevreden omdat hij het niet fijn vindt dat ik zo moet lijden.

Julie



U moet iets doen dokter. De menopauze heeft ons seksleven verstoord. Wij waren altijd een gelukkig paar, ook op seksueel gebied. We hebben geen kinderen en wellicht om deze reden hebben we altijd meer tijd aan onszelf besteed. Ik vind het heel vervelend om te zien dat mijn vrouw zich slecht voelt. Ze beleeft er helemaal geen plezier meer aan, alleen pijn. Ik ben zo niet blij. Is het echt niet mogelijk om iets te doen, zodat we terugkrijgen wat we vroeger hadden.

Thomas



WAT ZIJN DE MEDISCHE DEFINITIES VAN PIJN TIJDENS GEMEESCHAP?

De classificaties van de International Consensus on Female Sexual Disorders zijn:
  • Dyspareunie: een herhalende of blijvende pijn geassocieerd met seksuele gemeenschap
  • Vaginisme: een herhalend of blijvend onwillekeurig spasme van de spieren in het gebied van de vagina, hetgeen penetratie ofwel onmogelijk of erg pijnlijk maakt (zie hieronder)

Basson, R., Bertian, J., Burnett, A.  Graziottin  A. et Al.
Report of the International Consensus Development Conference on  Female Sexual Dysfunction: Definitions and Classifications. J.Urol, March 2000; 163:888-93

DEEL 1 DYSPAREUNIE

WAT ZIJN DE OORZAKEN VAN DYSPAREUNIE, D.W.Z. PIJN BIJ DE GEMEENSCHAP IN DE PERIMENOPAUZE?
Dyspareunie kan bemerkt worden:
  • in het introïtus gebied (introïtale of oppervlakkige dyspareunie)
  • midden van vagina (mid-vaginale dyspareunie)
  • en/of diep in het bekken (diepe dyspareunie).

Introïtale en mid-vaginale dyspareunie kunnen optreden of verslechteren vanaf de perimenopauze vanwege de volgende redenen:

  • Een hormonale etiologie, wat het hoogst staat op de lijst van factoren omdat vaginale droogheid gerelateerd is aan progressief (in de premenopauze) of definitief verlies (in postmenopauze) van een adequate concentratie oestrogeen in de vagina
  • De afname van oestrogeen productie kan geleidelijk zijn, zoals bij de natuurlijke menopauze, of abrupt, als de eierstokken chirurgisch verwijderd zijn ("een operatie genaamd "ovariectomie"). Chemotherapie en/of radiotherapie van het bekken, voor de behandeling van verschillende tumoren, kan eveneens een premature menopauze veroorzaken. Het is belangrijk te noemen dat de oestrogeenconcentratie in de vagina onvoldoende kan zijn ondanks dat de menstruele cyclus nog steeds aanwezig is tijdens de premenopauzale jaren.
  • echter de hormonen die het meest verantwoordelijk zijn voor de seksuele prikkelbaarheid van de vrouw zijn androgenen, dat zijn de mannelijke hormonen, geproduceerd in zeer kleine hoeveelheden in het vrouwelijk lichaam door de eierstokken zelf en de bijnieren. Androgeenproductie wordt met meer dan 50% verminderd als de eierstokken verwijderd zijn. Het kan het zogenaamde "Female Androgen Deficiency Syndrome" veroorzaken

    ____________________________________________
    TAB 1 Symptomen wijzend op het "Female Androgen Deficiency Syndrome
    • libidoverlies
    • opwindingsstoornissen
    • clitorale orgasme stoornissen
    • verlies van assertiviteit
    • verlies van vitale energie
    • verlies van pubishaar
    • verminderde spiermassa
    • veranderingen van het lichaam als gevolg van de toename van buikvet
    ____________________________________________
    Modified from Sands R. Studd J. Exogenous androgens in postmenopausal women AmJ.Med.98 (1a):76-79,1995

  • Een afname van de productie van deze hormonen als gevolg van de menopauze veroorzaakt een drastische vermindering van de seksdrift, dus minder lubricatie als het oestrogeen afgenomen is en minder clitorale congestie als de androgenen verminderd zijn. Gegevens van de Yale Midlife Study tonen aan dat 77% van de vrouwen in de overgang verlies van seksdrift meldden, 58% last had van vaginale droogheid en 39% leed aan dyspareunie.


Sarrel PM Sexuality and menopause. Obstet. Gynecol. 75: 26-30, 1990

Sherwin BB Gelfand MM Brender W Androgen enhances sexual motivation in females: a prospective, cross-over study of sex steroid administration in surgical menopause Psychosm.Med. 47:339-51, 1987

Vaginitis en vulvitis kunnen vaak co-factoren zijn van recent verworven dyspareunie ook in de perimenopauzale jaren en ze kunnen secundair zijn aan:

1) Wijzigingen van het normale vaginale "ecosysteem"
2) Infecties van bacteriën vanuit de darm
3) Infecties van Seksueel Overdraagbare Aandoeningen (SOA)
  • Lactobacilli, zijn microscopische bacteriën die normale beschermende bewoners zijn van de vagina tijdens de fertiele leeftijd. Hun vorm en aantal zijn perfect als de vagina normale oestrogeenspiegels heeft, die een pH van rond de 4 garanderen.
  • Lactobacilli hebben inderdaad behoefte aan een vaginale pH van rond de 4. De pH is de zuurgraad van onze vagina. De waarden variëren normaal tussen 3.8-4.2
  • Gardnerella is een bacterie die normaal aanwezig is in het vaginale "ecosysteem", dat bevat de biljoenen microscopische bacteriën die normaal leven in onze vagina. Gewoonlijk is Gardnerella een kleine stam, omdat de proliferatie gecontroleerd wordt door de bovengenoemde normale bewoners, Lactobacilli genoemd.
  • Gardnerella prolifereert bij een pH boven 5, als in de vagina het merendeel van de Lactobacilli verdwenen is, als gevolg van verlies aan oestrogenen, is de consequentie dat de pH in de vagina stijgt. De consequenties van deze toename, genaamd "vaginosis" zijn lekkage van witachtige vloeistof en irritatie van het introïtale deel van de vagina, hetgeen vaginitis bevordert.
  • Als de vrouw in de postmenopauze geen Hormoon Suppletie Therapie (HST) tenminste topicaal, d.w.z. als de oestrogenen lokaal in de vagina aangebracht worden, gebruikt, dan stijgt de pH tot 5, 6, 7. Het normale ecosysteem, d.w.z. de normale bacteriële stammen, verdwijnen
  • Drie problemen kunnen ontstaan:
    - de proliferatie van vaginale bacteriën die normaal in de minderheid zijn, zoals Gardnerella, Ureaplasma etc; - de opkomst van bacteriën die normaal in de darm leven: Escherichia coli, Enterococcus foecalis etc.
    - toegenomen gevoeligheid voor Seksueel Overdraagbare Aandoeningen (die men kan opgelopen op elke leeftijd, als de coïtus met de nieuwe partner niet beschermd was door condoomgebruik)

    Als de vagina niet meer beschermd is door Lactobacilli, dan vindt er gemakkelijk kolonisatie plaats met andere bacteriën, die een onprettige recidiverende vaginitis en cystitis en infecties van de blaas veroorzaken.

  • Vulva dystrofie , d.w.z. een veroudering van de externe vrouwelijke genitalia, als gevolg van zowel het negatieve effect van het ouder worden op zich als het verlies van de sekshormonen na de menopauze.
  • Het wordt in toenemende mate gezien als een uitgebreid proces van alle genitale structuren met een progressieve reductie van alle weefselcomponenten..
  • De labia worden dunner, huid en mucosa fijner, fragieler en bleek als gevolg van de afname van vaten; pubishaar wordt lichter en dunner
  • Vulva dystrofie is waarschijnlijk het gevolg van een genetische kwetsbaarheid met versneld verlies van hormoonreceptoren, hetgeen het positieve beschermende effect die hormonen gewoonlijk hebben op alle componenten van de vulva, vermindert.
  • Het is bewezen dat er een leeftijdsafhankelijke reductie van meer dan 50% is van de cavernosale gladde spiercomponenten vanaf het eerste tot het zesde decennium van het leven, dat de basis is van het steeds vaker gemelde probleem van het genitaal opgewonden raken ("mijn clitoris is dood") tot aan het orgasme, hetgeen progressief minder intens en moeilijker wordt of onmogelijk te bereiken is.
  • Derhalve kan de coïtus pijnlijker zijn als gevolg van het gebrek aan lubricatie en vulvaire congestie.
  • Iatrogenic factors, d.w.z. problemen veroorzaakt door bijwerkingen van medische of chirurgische behandeling kunnen naar voren komen en/of de pijn tijdens de coïtus verergeren:
  • overdreven colporrafieen ("Plastic van de vagina als een prolaps, d.w.z. een uitzakking van de vaginawand en/of de uterus in het spel is) en andere operaties van het bekken kunnen verantwoordelijk zijn voor een anatomische vernauwing van het introïtale gebied van de vagina hetgeen onverenigbaar kan zijn met coïtus.
  • Vragen over huidige seksuele activiteiten moeten altijd gesteld worden voor elk type bekkenchirurgie, zelfs bij oudere patiënten zonder de aanname dat de dame te oud is om seks te hebben.
  • Vertel het uw arts altijd als u seksueel actief bent.
  • Als hij/zij het niet vraagt, kunt u het beter zeggen, zodat hij/zij deze kritieke belangrijke informatie aan uw medisch dossier kan toevoegen
  • Radiotherapie en/of radicale chirurgie voor cervixkanker kunnen ook een verminderde vaginale ontvankelijkheid veroorzaken, vanwege een kortere en teruggetrokken vagina .
  • Als laatste maar niet onbelangrijk omdat postmenopauzale en oudere vrouwen meestal op multi-farmacologische behandeling staan, zouden seksuele bijwerkingen van geneesmiddelen die bijdragen aan dyspareunie via libido en opwindingsstoornissen overwogen moeten worden

Musculaire factoren – d.w.z. een defensieve aanspanning, leidend tot een vernauwing van de bekkenbodem - kunnen relevant worden als de aanhoudende pijn een secundaire defensieve aanspanning van de musculus levator ani veroorzaakt. Dit kan een bijkomende oorzaak van mid-vaginale dyspareunie en/of postcoïtale cystitis worden. Pijn is de meest krachtige reflexremmer van de perivaginale opwinding, waarbij de gevoeligheid als gevolg van het gebrek aan het positieve effect van oestrogeen toeneemt en het mechanische trauma van coïtus zonder lubricatie verder verergert.

Vasculaire factoren, d.w.z. roken, atherosclerose, hypertensie en metabolische stoornissen zoals diabetes met microangiopathie (en neuropathie) kunnen alle bijdragen aan de genitale opwindingsstoornissen met vaginale droogheid leidend tot dyspareunie.

Pijn gerelateerde stoornissen tonen een specifieke pathologie binnen het pijnsysteem. Als er een chronische, aanhoudend sterker wordende pijn vanuit het introïtale vaginale gebied is, is er een bewezen toename van pijnvezels en een systemische daling van de pijndrempel.

Dit benadrukt een verschuiving van de zogenaamde "nociceptieve pijn" als de pijn "slechts" voortdurende schade met ontsteking van het weefsel aangeeft naar de zogenaamde "neuropathische pijn" als de pijn "geproduceerd" wordt en/of verergert binnen het pijnsysteem.

Meana M, Binik YM, Khalife S, Cohen D. Dyspareunia: sexual dysfunction or pain syndrome? J Nerv Ment Dis 185(9): 561-9; Sep 1997

Meana M, Binik YM, Khalife S, Cohen DR Biopsychosocial profile of women with dyspareunia Obstet Gynecol 90(4 Pt 1): 583-9; Oct 1997

Bergeron S Khalifé S Pagidas K Meana M Amsel R Binik YM A randomized comaptison of group cognitive-behavioural therapy, surface electromyographic bioffedback and vestibulectomy in the tratment of dyspareunia resulting from VVS Pain 91(3) 297-306,2001

Minder vaak voorkomende biologische factoren zijn neurologische stoornissen inclusief het nervus pudendus compressiesyndroom leidend tot dyspareunie, dat vele jaren na een coccygeaal-sacraal fysiek trauma of bekkenoperatie kan verschijnen; het Syndroom van Sjögren, een auto-immuun ziekte waarbij antilichamen componenten van het exocriene kliersysteem aanvallen; fysiek genitaal trauma en/of seksueel misbruik.

Diepe dyspareunie (d.w.z. pijn diep in het bekken) kan vaak veroorzaakt worden door:
  • Endometriose in het bekken. Bij diepe dyspareunie, dat een symptoom is dat steeds opduikt en terugkomt bij cyclisch HST bij vrouwen met eerdere endometriose en waarbij de uterus behouden is, zou een laag gedoseerde continu gecombineerde HST de eerste keus moeten zijn om bloedingen en de terugkeer van pijn te voorkomen.  
  • Pelvic inflammatory disease PID: een aandoening waarbij bacteriën specifiek voor een Seksueel Overdraagbare Aandoening opstijgen naar de uterus en eileiders en zich verspreiden in het bekken. Eens werd dit beschouwd als een ziekte van de jeugd, maar thans kunnen vrouwen van elke leeftijd blootgesteld worden aan PID, als ze onbeschermde seks hebben met nieuwe partners.
  • Varicocele in het bekken (5), hetgeen steeds vaker als een oorzaak voor diepe dyspareunie wordt gediagnosticeerd.
  • Levator ani myalgie: diepe bekkenpijn kan ook secundair zijn aan triggerpunt stimulatie op het niveau van de musculus levator ani, als de spier intens myalgisch is (5,21-23).

Graziottin A. Dyspareunia: clinical approach J. Sex Marital Therapy 27: 534-538,2001

Sands R. Stud J. Exogenous Androgens in post-menopausal women AmJ.Med.98(1A):76-79,1995

Graziottin A., Castoldi E., Montorsi F., Salonia A., Maga T. Vulvodynia: The Challenge of unexplained genital pain J. Sex Marital Therapy 27: 567-576,2001

Meana M, Binik YM, Khalife S, Cohen D. Dyspareunia: sexual dysfunction or pain syndrome? J Nerv Ment Dis 185(9): 561-9; Sep 1997

Meana M, Binik YM, Khalife S, Cohen DR Biopsychosocial profile of women with dyspareunia Obstet Gynecol 90(4 Pt 1): 583-9; Oct 1997

Bergeron S Khalifé S Pagidas K Meana M Amsel R Binik YM A randomized comaptison of group cognitive-behavioural therapy, surface electromyographic bioffedback and vestibulectomy in the tratment of dyspareunia resulting from VVS Pain 91(3) 297-306,2001

WELKE VRAGEN ZOU U MOETEN VERWACHTEN DIE UW GYNAECOLOOG STELT ZODAT HIJ/ZIJ EEN NAUWKEURIGE DIAGNOSE KAN STELLEN?

Wanneer bemerkte u dat de coïtus pijnlijk werd? Heeft u altijd geleden aan pijn tijdens coïtus of is het slechts recent ""verworven"?
  • Als de dyspareunie levenslang bestaat wordt het meestal veroorzaakt door vaginisme en/of bestaande levenslange seksuele stoornissen van de vrouw, zoals weinig libido en/of andere opwindingsstoornissen van psychoseksuele etiologie. Met andere woorden seksuele problemen, inclusief pijn tijdens coïtus, welke aanwezig zijn vanaf het begin van het seksuele leven worden meestal veroorzaakt door seksuele remmingen, gebrek aan seksuele opvoeding, hechtingsproblemen en liefdesbehoeften tijdens de jeugd, vroege negatieve seksuele ervaringen, zoals seksuele intimidatie en misbruik… Slechts in de minderheid van levenslange gevallen is een biologische factor de belangrijkste etiologie van de klacht.
  • Levenslange dyspareunie kan verslechteren rond de menopauze vanwege het verlies aan hormonen, hetgeen meer pijn veroorzaakt en kan leiden tot een volledige vermijding van seks.

Als de pijn recent "verworven" is, heeft u dan ook vaginale droogheid tijdens coïtus en/of vaginitis en/of cystitis-achtige klachten 24 - 72 uur na de coïtus?
  • Al deze factoren moeten overwogen worden en kunnen het gevolg zijn van een verlies van hormonen, een veranderd vaginaal ecosysteem en een vernauwde bekkenbodem (zie de paragraaf over de oorzaken van dyspareunie).

Heeft u altijd pijn tijdens coïtus of is het beperkt tot enkele situaties?
De kwaliteit van de betreffende relatie, gefrustreerde intimiteitbehoeften, potentiële conflicten, ontevredenheid en/of boosheid kunnen alle bijdragen tot situationele dyspareunie. Dennerstein et al vonden in hun 8 jaar durende studie over vrouwen in de overgang dat de "gevoelens voor een partner" en de "gezondheid van de partner en seksuele problemen" de belangrijkste voorspellers van seksuele veranderingen tijdens de overgang waren.

Dennerstein L. Lehert P . Burger H.  Garamszegi C. Dudley EC Menoapuse and sexual functioning in Studd J. (ed) The management of the menopause The millennium review, Parthenon Publishing , New York, 203-210, 2000

Als u coïtus vermijdt, is uw seksuele ervaring dan nog steeds plezierig en bevredigend of niet? Hoe is uw seksdrift? Is opwinding gemakkelijk? Bereikt u een clitoraal orgasme? Bemerkt u een gebrek aan lubricatie als u coïtus probeert?
Deze vragen zullen de kwaliteit van de seksuele reactie naast de coïtus helpen te begrijpen. De aanwezigheid van een dysfunctionele seksuele reactie kan een gemengde etiologie, biologisch en psychoseksueel suggereren

Hoe intensief is de pijn die u voelt?
Het benadrukken van de intensiteit en karakteristieken van pijn is een relatief nieuwe benadering van het aan de orde brengen van dyspareunie. Traditionele methoden van pijnmetingen kunnen gebruikt worden. Een verlaagd gevoel van de pijndrempel is een steeds vaker herkend aspect van deze ziekte.

Voelt u pijn voor, tijdens of na de coïtus?
Pijn voor de coïtus suggereert een fobische houding ten opzichte van penetratie en/of de aanwezigheid van chronische vulvaire vestibulitis, als de pijn zelfs zonder verdere coïtus aanhoudt.

Pijn tijdens coïtus wordt het vaakst gemeld. Deze informatie tezamen met "waar doet het pijn?", is bewezen de beste voorspeller van een organische oorzaak van pijn d.w.z. van een fysieke, biologische oorzaak ervan te zijn.

Pijn na coïtus suggereert ook vestibulitis vanwege verergering van postcoïtale irritatie in the peri-post-menopauze.

Waar doet het pijn? Aan het begin, in het midden of diep in de vagina?
Meana et al bemerkte dat de locatie van pijn en het begin ervan tijdens de coïtus de sterkste voorspellers van de aanwezigheid en de soort van de organische oorzaak waren.

Met deze informatie zou de gynaecoloog in staat moeten zijn een passende differentiële diagnose te stellen d.w.z. de oorzaken te herkennen die bij kunnen dragen aan de huidige dyspareunie en deze op de meest effectieve individueel afgestemde behandeling aan te pakken

Graziottin A. Dyspareunia. J. Sex Marital Therapy 27: 534-538,2001

Graziottin A. Loss of libido in the post-menopause Menopausal Medicine, 8(1):9-12,2000


DE PIJNMAP VAN DE GYNAECOLOOG
Tijdens een grondig lichamelijk onderzoek zal uw gynaecoloog de kritische vraag stellen "waar doet het pijn?". Terwijl de arts voorzichtig en kundig alle mogelijke bronnen van pijn onderzoekt, zal hij/zij in staat zijn om een nauwkeurige "pijnmap" gebaseerd op solide anatomie en logische pathofysiologie op te bouwen. Het opstellen van deze map zal helpen om een positieve en vertrouwelijke arts-patient relatie op te bouwen, omdat het zal bewijzen dat de " pijn niet tussen de oren zit!".

Dit type onderzoek kan uitwijzen en/of bevestigen:
  • acute pijn op 5 en 7 uur als de ingang van de vagina wordt gezien als een wijzerplaat van de klok Dit is een aanwijzing voor vestibulitis
  • drukpunten, als de pijn zich voordoet bij zachte druk op de aanhechting van de perivaginale spier op het deel van de wervelkolom dat beïnvloed wordt door de nervus ischiadicus en/of triggerpunten, dat zijn punten waarvan de pijn uitstraalt bij aanraking; drukpunten kunnen ook naar voren komen bij samengetrokken littekens en/of oppervlakkige myalgie d.w.z. pijnlijke perineale spieren.
  • een gezwollen, pijnlijke clitoris
  • een droge, dystrofische vagina. Dit komt vaker voor bij het ouder worden als HST niet plaatselijk wordt toegepast. De gynaecoloog zou altijd de vaginale pH moeten evalueren, d.w.z. de lokale zuurgraad met een eenvoudige gekleurde stick dat in de vagina voor 10-15 seconden wordt aangebracht. Zonder geslachtshormonen stijgt de pH, hetgeen negatieve veranderingen van het vaginale ecosysteem, dat vatbaarder wordt zelfs voor een banale infectie vergemakkelijkt
  • een nauwe introïtus, d.w.z. de ingang van de vagina na chirurgie. Terugtrekking, pijn, mucocutane en myofasciale triggerpunten, die effect kunnen hebben op de vaginale anatomie en de defensieve hypertonus van de spieren van de bekkenbodem zijn alle veel voorkomende co-factoren van introïtale en mid-vaginale dyspareunie na perineale chirurgie.
  • spasme van de perivaginale spieren met druk en/of triggerpunten in de mid-vagina. Triggerpunten op de levator ani kunnen diepe pijn in het bekken veroorzaken en diepe dyspareunie imiteren
  • acute geïnduceerde pijn door bimanueel diep onderzoek. Posterior pijn kan suggestief zijn voor endometriose, waarvan diepe dyspareunie het symptoom is dat opduikt, hetgeen weer optreedt in geval van cyclisch HST.
  • laterale, diepe pijn in het bekken kan vaak veroorzaakt worden door Pelvic Inflammatory Desease (PID), veroorzaakt door Seksueel Overdraagbare Aandoeningen die de uterus en eileiders infecteerde en in het bekken uitbreidde.
  • Anterior pijn is vaker aanwezig als de dyspareunie in verband staat met postcoïtale urgentie en frequente aandrang.

Graziottin A. Dyspareunia. J. Sex Marital Therapy 27: 534-538,2001

Graziottin A. Loss of libido in the post-menopause Menopausal Medicine, 8(1):9-12,2000

KAN IK ECHT GENEZEN VAN DYSPAREUNIE?
JA, ALS DE DIAGNOSE CORRECT GESTELD IS EN ALLE FACTOREN DIE MOGELIJK BIJDRAGEN AAN DE ORDE ZIJN GEKOMEN!!!

Veel vrouwen die aan dyspareunie lijden zijn vaak extreem gefrustreerd omdat ze geen antwoord vinden op hun probleem en denken dat er geen oplossing is. Veel te vaak, zoals reeds gesteld, wordt gezegd dat de pijn puur "psychologisch" is, en derhalve geen klinische evaluatie waard.

Wat is er nodig om dyspareunie te genezen?

Het is nodig om een gynaecoloog te consulteren, die in staat is om:
  • Het probleem te herkennen
  • De ernst te evalueren zodat een juiste prognose gemaakt kan worden
  • Alle factoren te diagnosticeren die kunnen bijdragen aan het probleem en/of het probleem in stand houden
  • Stel vervolgens een adequate therapie voor

Een geïntegreerde diagnose tussen medische en psychoseksuele factoren gaat aan de effectieve behandeling vooraf


Consulteer altijd uw arts, die zal evalueren of er een indicatie is voor een of meer van de volgende behandelingen:

  • Topicale hormonale behandeling, die de eerste keus is voor het reduceren van pijn veroorzaakt door onvoldoende genitale opwinding, vooral tijdens en na de menopauze.
    a) Vaginaal oestrogeen kan een snelle verlichting bieden als de dyspareunie meer afhankelijk is van vaginale dystrofie. Topicaal oestrogeen kan de eerste keus behandeling zijn bij vrouwen die geen systemische HST (hormoonsuppletie therapie) kunnen of willen. Dit zou voorgeschreven moeten worden zelfs in de premenopauze of tijdens systemische HST als symptomen van vaginale dystrofie aanwezig zijn. 17 beta-estradiol vaginale tabletten kunnen een duidelijke verbetering van de atrofische vaginitis en de eraan gerelateerde symptomen geven met een betere therapietrouw dan de sterkere geconjugeerde equine oestrogeen vaginale crème, omdat deze even sterk zijn, maar geen lekkage veroorzaken.

    Rioux JE.Devlin MC Gelfand MM et Al 17 beta estradiol vaginal tablets versus conjugated equine estrogen vaginal cream to relieve menoapusal atrophic vaginitis Menopause 7 (3) 156-61, 2000

    b)Testosteron propionaat poeder in Vaseline gel moet aangebracht worden op de externe genitalia, dagelijks of om de dag, in zeer, zeer kleine hoeveelheden. Deze locale behandeling is effectief voor het verhogen van de clitorale opwinding, gevoeligheid en reactie. Dezelfde therapie aangebracht op de vulva zal oppervlakkige dyspareunie verlichten.

  • Systemische HST, d.w.z. bij gebruik wordt het in het lichaam verspreid, is aangewezen in geval van seksuele co-morbiditeit, als men klaagt over libidoverlies en slechte opwinding als gevolg van de menopauze en/of andere overgangsklachten. Dit type HST kan genomen worden als pleisters, injecties, nasale spray, transdermale gel of subcutane implantaten.

    De wens van de vrouw om een goede seksualiteit te handhaven of een vervaagde te verbeteren, zou overwogen moeten worden bij de keuze voor optimale HST.

    Twee recente publicaties over tibolon en orale HST bevattende estradiol en norethisteron (NETA), suggereren een duidelijk positief effect op de spiertonus en motorische capaciteit, de androgene activiteit van deze componenten. Dit is ook een voordeel vanuit het seksuele oogpunt, zowel voor het toegenomen genitale welzijn, dat de vitale energie en het gevoel van fitheid verbetert, als specifiek voor de conditie van de bekkenbodem, dat zo belangrijk is voor het seksuele functioneren van de vrouw (hoewel specifieke studies over deze speciale aspecten tot nu toe niet verricht zijn).

    Systemische en locale HST reduceren dyspareunie en verbeteren kwaliteit van leven en algehele seksualiteit bij vrouwen behandeld voor genitale kanker met uitzondering van adenocarcinomata van het endometrium en van de cervix.

  • Herstel van de bekkenbodemspieren, die aanspannen bij chronische coïtale pijn, is speciaal van belang bij de behandeling van dyspareunie

    Strekken en ontspanning van aangespannen spieren, zelfmassage met medicinale olie (Sint Janskruid) of electromyografische biofeedback, indien beschikbaar, kunnen alle de spierspanning verlichten, waardoor de mid-vaginale dyspareunie en de bron van de aanwezige pijn verminderen

    Glazer HI Rodke G. Sewncionis C Hetz R Young AW treatment on vulvar vestibulitis syndrome with electromyographic biofeedback of pelvic floor musculature J.Reprod.Med. 40 (4) 283-290,1995

    McKay E Kaufman RH Doctor U Berkova Z. Glazer H Treating vulvar vestibulitis with electromyographic feedback of pelvic floor musculature J.Reprod.Med. 46:337-42, 2001

  • Electroanalgesie, een specifiekere behandeling, zou aanbevolen moeten worden als introïtale hyperalgesie d.w.z. chronische sensitiviteit voor pijn het gevolg is van het Vulvaire Vestibulitis Syndroom (VVS).

  • Pijnstillende behandeling , met een systemische en locale behandeling worden gereserveerd voor de behandeling van ernstige dyspareunie, gewoonlijk verband houdend met VVS of neurologische pijn, als alle voorgaande behandelingen faalden. Recent is een presacrale anesthetische blokkade van het ganglion gesuggereerd als een effectieve tweedelijns behandeling ook als alle voorgaande behandelingen gefaald hebben.

    Graziottin A. Vincenti E Paper presented as Podium Session at the meeting of the International Society for the Study of Women’s Sexual Health (ISSWSH), Proceedings of the Vancouver meeting, October 10-13, pag 51 (abstract)


  • Begeleidende algehele medische aandoeningen(vasculaire, metabole, neurologische, immunologische) zouden ook aan de orde moeten komen om de multisystemische etiologie van dyspareunie te verminderen

  • PSYCHOSEKSUELE THERAPIE zou aanbevolen moeten worden als de etiologie van pijn meer afhankelijk is van psychoseksuele of omgevingsfactoren, vooral als het paar negatief ten opzichte van elkaar staat

    Clulow C (ed) Adult attachment and couple psychotherapy Brunner Routledge, Hove (UK) 2001


References:

Andrews WC Approaches to taking a sexual history, in Bachmann GA (ed) Menopause and Female sexuality J. Womens’ Health & Gender-Based Medicine 9(S1) S25-S32, 2000

Barlow DH, Cardozo L, Francis RM et al  Urogenital ageing and its effect on sexual health in older British women  Br J Obstet Gynaecol 104: 87-91; 1997

Basson R. Berman J. Burnett A. Derogatis L. et Al. Report of the International Consensus Development Conference on  female sexual dysfunction : definition and classification J.Urol, 163 :889-93,2000

Basson R. The female sexual response: a different model J.Sex Mar.Therapy, 26:51-65,2000

Bergeron S Khalifé S Pagidas K Meana M Amsel R Binik YM A randomized comaptison of group cognitive-behavioural therapy, surface electromyographic bioffedback and vestibulectomy in the tratment of dyspareunia resulting from VVS Pain 91(3) 297-306,2001

Bergeron S, Binik YM, Khalife S, Pagidas K Vulvar vestibulitis syndrome: a critical review (80 refs) Clin J Pain  13(1): 27-42; Mar 1997

Bohm.Starke N. Hilliges M. Brodda-Jansen G. Rylander E. Torebjork Psychophysical evidence of nociceptor sensitization in vulvar vestibulitis syndrome Pain 94: 177-183, 2001

Bohm-Starke N. Hilliges M. Falconer C. Rylander E Increased intraepithelial innervation in women with vulvar vestibulitis syndrome Gynecol. Obstet.Invest. 46:256-260, 1998

Bonica JJ Definitions and taxonomy of pain In J Bonica (ed)The Management of Pain. Philadelphia: Lea & Febiger. 2: 18-27; 1990

Caillouette JC Sharp CE. Zimmermann GJ Roy S Vaginal pH as a marker for bacterial pathogens  and menopausal status Am.J.Obstet.Gynecol. 176:1270-1277,1997

Clulow C (ed) Adult attachment and couple psychotherapy Brunner Routledge, Hove (UK) 2001

De Lancey JO, Sampselle CM, Punch MR Kegel dyspareunia: levator ani myalgia caused by overexertion Obstet Gynecol 82: 658-9; 1993

Dennerstein L. Lehert P . Burger H.  Garamszegi C. Dudley EC Menoapuse and sexual functioning in Studd J. (ed) The management of the menopause The millennium review, Parthenon Publishing , New York, 203-210

Diagnostic and statistical manual of mental disorders (4th ed. ) American Psychiatric Association (ed) Washington DC 1994

Goldstein I, Berman JR  Vasculogenic female sexual dysfunction: vaginal engorgement and clitoral erectile insufficiency syndromes Int J Impotence Res 10: S84-S90; 1998

Graziottin A. Clinical Approach to Dyspareunia: J.Sex Marital Therapy 27:489-501, 2001

Graziottin A. Loss of libido in the postmenopause Menopausal Medicine, 8(1):9-12, 2000

Graziottin A. Maraschiello T. Farmaci e Sessualità Airon ed. Milano, 2002

Graziottin A. Sexual function in women with gynecologic cancer: a review It.J.Gynec.Obstet.2:61-68, 2001

Graziottin A. Vincenti E. Anthalgic treatment of intractable pain due to vulvar vestibulitis syndrome: preliminary results with oral gabapentin and anethetic block of ganglion impar (abstract) Proceedings of the Congress of the International Society for the Study of Women’s Sexual Health (ISSWSH), Vancouver, October 10-14, 2002, pag 51 

Gruber CJ.Tschugguel W Schneeberg C. Huber JC Production and action of estrogens NEJM 346:340-352, 2002

Hagedorn M. Buxmeyer B. Schmitt Y Bauknecht T. Survey of lichen sclerosus in women and men Arch. Gynecol. Obstet.266:86-91,2002

Lauman EO, Gagnon JH, Michaci RT, Michaels S Sexual dysfunction in the United States: prevalence and predictors JAMA 10; 281 (6): 537-42; 1999

Levin RJ  The mechanism of human female sexual arousal  Ann Rev Sex Res 3: 1-48;1992

Levin RJ Measuring the menopausal genital changes- a critical account of laboratory procedures past and for the future in Graziottin A (ed) Menopause and Sexuality ,Menopause Review, IV (4):49-57,1999

Madelska K. Cummings S Tibolone for post-menopausal women: systematic review of randomized trials J.Clin.Endocrinol.Metabolism 87 (1):16-23,2002

Meana M, Binik YM, Khalife S, Cohen D. Dyspareunia: sexual dysfunction or pain syndrome? J Nerv Ment Dis 185(9): 561-9; Sep 1997

Meana M, Binik YM, Khalife S, Cohen DR Biopsychosocial profile of women with dyspareunia Obstet Gynecol 90(4 Pt 1): 583-9; Oct 1997

Mulherin DM, Sheeran TP, Kumararatne DS et al Sjogren’s syndrome in women presenting with chronic dyspareunia Br J Obstet Gynaecol 104: 1019-1023; Sep 1997

Notelovitz M. A practical approach to postmenopausal hormone therapy Ob/Gyn, Special ed. MacMahon, New York,   April 2002

O’Connell HE Hutson JM Anderson CR Plenter RJ Anatomical relationship between urethra and clitoris J.Urol. 159:1892-7,1998

Pukall CF.Binik YM. Khalifé S. Amsel R. Abbott FV. Vestibular tactile and pain threshold in women with vulvar vestibulitis  Pain 96 (1-2): 163-175, march 2002

Rioux JE.Devlin MC Gelfand MM et Al 17 beta estradiol vaginal tablets versus conjugated equine estrogen vaginal cream to relieve menoapusal atrophic vaginitis Menopause 7 (3) 156-61, 2000

Schindler AE Hormone Replacement Therapy (HRT) in women after genital cancer Mturitas 41 Suppl.1 S 105-111, 2002

Shifren JL Glenn D Braunstein MD et Al Transdermal testosterone treatment in women with impaired sexual function after oophorectomy NEJM 343 (10):682-8,2000

Tarcan T. Park.K Goldstein I Maio G Fassina A. Krane RJ histomorphometric analysis of age related structural changes in human clitoral cavernosal tissue J.Urol 161:940-4,1999

Thompson JM Tension myalgia as a diagnosis at the Mayo Clinic and its relationship to fibrositis, fibromyalgia and myofascial pain syndrome Mayo Clin Proc 65: 1237-48; 1990

Wesselmann U, Burnett AL, Heinberg LJ The urogenital and rectal pain syndromes (Review) (282 refs) Pain 73(3): 269-94; 1997

World Health Organization: ICD 10.International Statistical Classification of Diseases and Related Health Problems, Geneva, World Health Organization, 1992


[Terug naar boven]   [Voorgaande artikel]   [Volgende artikel]



WAT ZIJN DE MEDISCHE DEFINITIES VAN PIJN TIJDENS COITUS?
De International Consensus on Female Sexual Disorders classificaties zijn:

  • Dyspareunie: een herhalende of blijvende pijn geassocieerd met seksuele gemeenschap

  • Vaginisme: een herhalend of blijvend onwillekeurig spasme van de spieren in het gebied van de vagina, hetgeen penetratie ofwel onmogelijk of erg pijnlijk maakt


DEEL 2 VAGINISME

WAT IS VAGINISME PRECIES?
  • Vaginisme verwijst naar een herhalend of blijvend onwillekeurig spasme van de spieren in het gebied van de vagina.

  • verwijst naar een herhalend of blijvend onwillekeurig spasme van de spieren in het gebied van de vagina.

  • Vaginisme wordt vaak geassocieerd met fobie van verschillende intensiteit voor coïtus, d.w.z. een afkeer voor penetratie.

ALS U LIJDT AAN VAGINISME, HEEFT U DIT DAN ALTIJD GEHAD?
  • Vaginisme kan optreden aan het begin van het seksleven van een vrouw (levenslang) d.w.z. primair vaginisme. Dit kan de oorzaak zijn van huwelijken zonder seksuele gemeenschap.

  • Als gevolg van spanning van deze spieren wordt de ingang van de vagina zodanig samengetrokken dat penetratie ofwel onmogelijk of erg pijnlijk kan zijn.

  • " Vaginisme kan optreden na een paar maanden of jaren normale seksuele activiteit (verworven) d.w.z. secundair vaginisme.


Basson R., Bertian J., Burnett A., Graziottin A. et Al. Report of the International Consensus Development Conference on Female Sexual Dysfunction: Definitions and Classifications. J.Urol, March 2000; 163:888-93

HET LICHAAM SPREEKT VOOR ZICHZELF

Het nauwkeurige onderzoek van het vrouwelijk lichaam onthult veel onderliggende biochemische factoren en het evenwicht van binnenuit. Bijvoorbeeld:

  • De vrouwelijke hormonen - vooral oestrogeen - voeden alle aspecten van vrouwelijkheid, fysiek, psychisch en psychologisch. Verder houden deze het genitale weefsel gezond en soepel, waardoor een goede lubricatie en snelle vaginale congestie bevorderd worden, die penetratie prettig maken.

  • Een premenopauzale vrouw met een regelmatige menstruele cyclus houdt ook van het gevoel van algeheel welbevinden. Oestrogeen geeft elasticiteit aan de huid. Bovendien geven deze de karakteristieke "geur van een vrouw" typisch voor de fertiele leeftijd.

  • De reductie van androgenen van het vrouwelijk lichaam tijdens de overgang vermindert niet alleen drastisch de sekslust, vitale energie en het positieve denken, maar het kan ook vergezeld gaan van verlies aan pubishaar en vermindering van de spiermassa en sterkte, leidend tot het zogenaamde "Female Androgen Deficiency Syndrome".

  • Een onaangename verandering van het figuur van de vrouw met een toename van vet op de heupen en de buik is een andere "bijwerking" van androgeentekort.
  • Een nauwkeurig onderzoek van de fysieke houding en van het gedrag van de vrouw kan ook een seksueel probleem onthullen, vooral als primair vaginisme in het spel is.

Zijn er tekenen van spanning, behalve van de perivaginale spieren die herkend kunnen worden bij vaginisme?
  • Zeker. Een dichtgeknepen mond, met gespannen spieren van het gelaat en de ogen wijd open zijn alle veel voorkomende karakteristieken geassocieerd met vrouwen die last hebben van een pijnlijke coitus, als gevolg van levenslang, ernstig vaginisme alsof ze bang is om "zichzelf te laten gaan" in elke betekenis. Interessant is dat een dichtgeknepen mond vaak geassocieerd wordt met perivaginale spasmen, omdat onbewust de vrouw elke opening sluit naar de wereld van seksuele intimiteit.

  • Evenals de spieren in het gebied rond de vagina en mond, zijn twee andere echte plekken waar de spanning kan oplopen het cervicaalkanaal en de lumbale wervelkolom. Dit verklaart de toegenomen rigiditeit van de wervelkolom en de spanning van de paravertebrale spieren bij vele vrouwen met vaginisme, dat de houding beïnvloedt.

Waarom interfereert spierspanning met seksueel gedrag?
Hoe meer rigide het lichaam is des te hoger zijn de angst en spanning niveaus welke de "vijanden" zijn van sekslust en prikkelbaarheid. Verder beperkt de cervicale spanning de mogelijkheid om "zich te laten gaan", dat nodig is om seksueel genot te bereiken. De beweeglijkheid en fysieke relaxatie zijn "vrienden" van erotisch genot, vooral als het tot penetratie komt.

Hoe kunnen ademhalingsmoeilijkheden interfereren met seksualiteit?
  • Emotionele spanning heeft de neiging zichzelf te laten zien door onze wijze van ademhalen. Bij acute angst wordt de ademhaling kort en oppervlakkig, bijna op het punt dat de adem wordt afgesneden. Aan dit zeer onprettige gevoel wordt vaak gerefereerd als vrouwen met vaginisme hun gevoel van elke coitale poging uiten, in plaats van een liefhebbende relatie met hun partner. De terreur van het gepenetreerd worden wordt als overweldigend ervaren.

  • Als deze spanning blijvend wordt, zoals bij bepaalde seksuele stoornissen, kunnen de veranderingen van het ritme en diepte van de ademhaling chronisch worden. Een slechte kwaliteit van de ademhaling remt onze mogelijkheid om naar onze gevoelens en emoties te luisteren evenals naar de seksuele, dat de Aziatische bevolking goed weet, hetgeen onze diepe gevoelens, het genieten van het lichaam, tegengaat.

Is dit een psychologisch of fysiek probleem?
Beide. Tekenen van spanning, ademhaling en musculair, komen eerder aan in de hersenen dan die van plezier. Erotische stimulantia, komend van de huid en genitalia raken in deze gevallen geblokkeerd in de periferie en bereiken nooit de hersenen. Dit is de reden waarom, als vaginisme effectief te behandelen is, al deze aspecten moeten worden overwogen.

En de klinische evaluatie?
Behalve het maken van een notitie van deze tekenen van spanning, zou een gynaecoloog tijdens het bezoek de mate van ernst van het vaginisme moeten evalueren, waarbij een soort van stagering van het probleem wordt gemaakt, waarbij het volgende overwogen moet worden:

  • het niveau van de perivaginale spierspanning
  • de mate van fobie
  • de aanwezigheid of niet van andere begeleidende pathologische problemen - ofwel fysiek of psychologisch - (vooral stoornissen van sekslust en prikkelbaarheid)
  • de relationele situatie van de vrouw (d.w.z. alleen of een relatie)
  • de kwaliteit van die relatie
  • de aanwezigheid van eventueel geassocieerde mannelijke problemen
  • het aantal jaren sinds wanneer het probleem ontdekt was tot aan het punt van het vragen om hulp.


Na deze evaluatie is de arts in staat om te kiezen voor de beste strategie.

WAT ZIJN DE BELANGRIJKSTE OORZAKEN VAN PRIMAIR VAGINISME?

De oorzaken kunnen fysiek en/of psychologisch zijn vaak beide.

  • De psychologische oorzaken van levenslang vaginisme zijn meestal geassocieerd met angst voor penetratie als gevolg van een gebrek aan seksuele opvoeding, religie gerelateerde remmingen, negatieve informatie over de intensiteit van de pijn bij de eerste coïtus of over het bloedverlies en/of over het risico voor zwangerschap, als er geen informatie over anticonceptie was gegeven

  • De fysieke oorzaken van levenslang vaginisme zijn zeldzaam, maar zijn meestal geassocieerd met een fibreus en star hymen.

WAT IS HET HYMEN PRECIES?
  • Het hymen is een membraan aan het begin van de vagina, dat scheurt bij de eerste ervaring van seksuele penetratie.

  • In zeldzame gevallen is het hymen zo star en fibreus dat een normale penetratie onmogelijk is geworden en is een eenvoudige medische interventie nodig onder lokale anesthesie om het te breken.

  • Herhalende pogingen van de partner om te penetreren in geval van een star hymen, kan bij de vrouw de houding veroorzaken "zich te verdedigen" tegen de pijn, hetgeen leidt tot vaginisme.

WAT ZIJN DE ANDERE FYSIEKE OORZAKEN VAN VAGINISME?
  • Fysieke factoren zijn meer gewone oorzaken van secundair vaginisme.

  • Dit is het geval als veranderingen van het genitale en bekkengebied (vaak als gevolg van leeftijd) leidend tot dyspareunie, een defensief spasme van de peri-vaginale spieren ontwikkelen. Dit kan leiden tot myalgie, dat is als de spierspanning pijn veroorzaakt.

  • Deze toestand, als het spasme van de levator spieren de penetratie pijnlijk of onmogelijk maakt, kan ontstaan na vele jaren van min of meer normale seksuele activiteit.

  • De herinnering aan eerdere pijn kan spasme veroorzaken, zelfs nadat het oorspronkelijke fysieke probleem opgelost is.

WAAROM ZOU U NIET BANG MOETEN ZIJN OM HET PROBLEEM NU AAN TE PAKKEN!
  • Pijn is zelden zuiver psychogeen.
  • Pijn tijdens coïtus is geen uitzondering hierop. Zoals bij alle pijnsyndromen zijn er gewoonlijk een of meer biologische factoren.
  • Pijn tijdens coïtus behoeft zorgvuldige klinische aandacht, omdat dit het meest voorkomende symptoom is bij diverse medische aandoeningen die herkend en navenant behandeld zouden moeten worden.
  • Psychoseksuele factoren, meestal weinig libido, levenslang of recent verworven wegens aanhoudende pijn en opwindingsstoornissen als gevolg van het remmende effect van pijn, zouden gelijktijdig aan de orde moeten komen, om een begrijpelijke, geïntegreerde en meer effectieve behandeling te geven.
  • Psychodynamische zaken, zowel persoonlijke en/of gerelateerd aan de relatie van het paar zouden ook voldoende aan de orde moeten komen als deze aanwezig zijn.
WAT IS DE MEEST EFFECTIEVE BEHANDELING VAN VAGINISME?
Dat is psychoseksuele gedragstherapie: na het uitsluiten (of behandelen) van begeleidende biologische factoren, zal de therapie gericht zijn op:

  • het gebrek aan seksuele opvoeding met de juiste informatie

  • een betere kennis en toegenomen bewustzijn van de genitalia van het binnenste deel van het lichaam, van de mogelijkheid de spieren te bevelen, als deze gespannen zijn, het introïtale gebied van de vagina te "sluiten": "Waar een muur is, is een deur en een weg"

  • de vrouw zal leren de bekkenbodem vrijwillig te ontspannen, aandacht te schenken aan verschillende niveaus van spierspanning, het ademhalen te integreren met toenemende fysieke ontspanning, gewend te raken aan de gevoelens die ze kan bemerken bij haar genitalia

  • als de fobische component erg hoog is met een algehele opwinding door alertheid (d.w.z. overmatige angst en spanning) kan de arts een angstremmend of antidepressief geneesmiddel voorstellen om de paniekaanval, alleen al bij het idee van de penetratie te verminderen, zodat de behandeling gemakkelijker vordert

  • als de vrouw in staat is haar spieren te bevelen, zullen in diameter oplopende dilatatoren gebruikt worden om haar te helpen gewend en vertrouwd te raken aan tegelijkertijd zullen d.m.v. een kortdurende psychotherapie angsten en psychoseksuele zaken en/of negatieve interacties van het paar aan de orde komen

  • als er een probleem bij de man in het spel is (eenderde van de patiënten met vaginisme hebben een partner die lijdt aan een situationele erectiestoornis en/of premature ejaculatie) zou dit op de juiste wijze aan de orde moeten komen bij de androloog die werkzaam is in het team van het seksuologische centrum



Wat zijn de resultaten van de positieve kant gezien?
Met een passende therapie is het succespercentage 94% in gevallen van geïsoleerd vaginisme en 82% als beide leden van het paar seksuele problemen hebben, waarbij de kans op een succesvolle behandeling groter is als het paar na de ontdekking van zo'n probleem, de hulp snel zoekt. De prognose is minder als de vrouw vele jaren later hulp vraagt, als zelfs de seksdrift en elke soort van intimiteit al verdwenen zijn.


Dus waarom niet het probleem direct aanpakken?

REFERENCES

Andrews WC Approaches to taking a sexual history, in Bachmann GA (ed) Menopause and Female sexuality J. Womens’ Health & Gender-Based Medicine 9(S1) S25-S32, 2000

Barlow DH, Cardozo L, Francis RM et al  Urogenital ageing and its effect on sexual health in older British women  Br J Obstet Gynaecol 104: 87-91; 1997

Basson R. Berman J. Burnett A. Derogatis L. et Al. Report of the International Consensus Development Conference on     female sexual dysfunction : definition and classification J.Urol, 163 :889-93,2000

Basson R. The female sexual response: a different model J.Sex Mar.Therapy, 26:51-65,2000

Bergeron S Khalifé S Pagidas K Meana M Amsel R Binik YM A randomized comaptison of group cognitive-behavioural therapy, surface electromyographic bioffedback and vestibulectomy in the tratment of dyspareunia resulting from VVS Pain 91(3) 297-306,2001

Bergeron S, Binik YM, Khalife S, Pagidas K Vulvar vestibulitis syndrome: a critical review (80 refs) Clin J Pain  13(1): 27-42; Mar 1997

Bohm.Starke N. Hilliges M. Brodda-Jansen G. Rylander E. Torebjork Psychophysical evidence of nociceptor sensitization in vulvar vestibulitis syndrome Pain 94: 177-183, 2001

Bohm-Starke N. Hilliges M. Falconer C. Rylander E Increased intraepithelial innervation in women with vulvar vestibulitis syndrome Gynecol. Obstet.Invest. 46:256-260, 1998

Bonica JJ Definitions and taxonomy of pain In J Bonica (ed)The Management of Pain. Philadelphia: Lea & Febiger. 2: 18-27; 1990

Caillouette JC Sharp CE. Zimmermann GJ Roy S Vaginal pH as a marker for bacterial pathogens  and menopausal status Am.J.Obstet.Gynecol. 176:1270-1277,1997

Clulow C (ed) Adult attachment and couple psychotherapy Brunner Routledge, Hove (UK) 2001

De Lancey JO, Sampselle CM, Punch MR Kegel dyspareunia: levator ani myalgia caused by overexertion Obstet Gynecol 82: 658-9; 1993

Dennerstein L. Lehert P . Burger H. Garamszegi C. Dudley EC Menoapuse and sexual functioning in Studd J. (ed) The management of the menopause The millennium review, Parthenon Publishing , New York, 203-210

Diagnostic and statistical manual of mental disorders (4th ed. ) American Psychiatric Association (ed) Washington DC 1994

Goldstein I, Berman JR  Vasculogenic female sexual dysfunction: vaginal engorgement and clitoral erectile insufficiency syndromes Int J Impotence Res 10: S84-S90; 1998

Graziottin A. Castoldi E. Montorsi F. Salonia A. Maga T. Vulvodynia: the challenge of “unexplained” genital pain J.Sex.MaritalTher. 27:567-576,2001

Graziottin A. Clinical Approach to Dyspareunia. J.Sex Marital Therapy 27: 489-501, 2001

Graziottin A. Loss of libido in the postmenopause Menopausal Medicine, 8(1):9-12, 2000

Graziottin A. Maraschiello T. Farmaci e Sessualità Airon ed. Milano, 2002

Graziottin A. Sexual function in women with gynecologic cancer: a review It.J.Gynec.Obstet.2:61-68, 2001

Graziottin A. Vincenti E. Anthalgic treatment of intractable pain due to vulvar vestibulitis syndrome: preliminary results with oral gabapentin and anethetic block of ganglion impar (abstract) Proceedings of the Congress of the International Society for the Study of Women’s Sexual Health (ISSWSH), Vancouver, October 10-14, 2002, pag 51 

Gruber CJ.Tschugguel W Schneeberg C. Huber JC Production and action of estrogens NEJM 346:340-352, 2002

Hagedorn M. Buxmeyer B. Schmitt Y Bauknecht T. Survey of lichen sclerosus in women and men Arch. Gynecol. Obstet.266:86-91,2002

Lauman EO, Gagnon JH, Michaci RT, Michaels S Sexual dysfunction in the United States: prevalence and predictors JAMA 10; 281 (6): 537-42; 1999

Leiblum SR vaginismus: a most perplexing problem. In SR Leiblum & Ray Rosen (Edr) Principles and practice of sex Therapy (3rd ed) New York: Guilford Press

Levin RJ  The mechanism of human female sexual arousal  Ann Rev Sex Res 3: 1-48;1992

Levin RJ Measuring the menopausal genital changes- a critical account of laboratory procedures past and for the future in Graziottin A (ed) Menopause and Sexuality ,Menopause Review, IV (4):49-57,1999

Madelska K. Cummings S Tibolone for post-menopausal women: systematic review of randomized trials J.Clin.Endocrinol.Metabolism 87 (1):16-23,2002

Meana M, Binik YM, Khalife S, Cohen D. Dyspareunia: sexual dysfunction or pain syndrome? J Nerv Ment Dis 185(9): 561-9; Sep 1997

Meana M, Binik YM, Khalife S, Cohen DR Biopsychosocial profile of women with dyspareunia Obstet Gynecol 90(4 Pt 1): 583-9; Oct 1997

Mulherin DM, Sheeran TP, Kumararatne DS et al Sjogren’s syndrome in women presenting with chronic dyspareunia Br J Obstet Gynaecol 104: 1019-1023; Sep 1997

Notelovitz M. A practical approach to postmenopausal hormone therapy Ob/Gyn, Special ed. MacMahon, New York,   April 2002

O’Connell HE Hutson JM Anderson CR Plenter RJ Anatomical relationship between urethra and clitoris J.Urol. 159:1892-7,1998

Pukall CF.Binik YM. Khalifé S. Amsel R. Abbott FV. Vestibular tactile and pain threshold in women with vulvar vestibulitis  Pain 96 (1-2): 163-175, march 2002

Rioux JE.Devlin MC Gelfand MM et Al 17 beta estradiol vaginal tablets versus conjugated equine estrogen vaginal cream to relieve menoapusal atrophic vaginitis Menopause 7 (3) 156-61, 2000

Sands R. Studd J. Exogenous androgens in postmenopausal women AmJ.Med.98 (1a):76-79,1995

Sarrel PM Sexuality and menopause. Obstet. Gynecol. 75: 26-30, 1990

Schindler AE Hormone Replacement Therapy (HRT) in women after genital cancer Mturitas 41 Suppl. 1 S 105-111, 2002

Shafik A  Pudendal canal syndrome as a cause of vulvodynia and its treatment by pudendal nerve decompression  Eur J Obstet Gynecol Reprod Biol 80(2): 215-20; 1998

Sherwin BB Gelfand MM Brender W Androgen enhances sexual motivation in females: a prospective, cross-over study of sex steroid administration in surgical menopause Psychosm.Med. 47:339-51, 1987 Shifren JL Glenn D Braunstein MD et Al Transdermal testosterone treatment in women with impaired sexual function after oophorectomy NEJM 343 (10):682-8,2000

Tarcan T. Park.K Goldstein I Maio G Fassina A. Krane RJ histomorphometric analysis of age related structural changes in human clitoral cavernosal tissue J.Urol 161:940-4,1999

Thompson JM Tension myalgia as a diagnosis at the Mayo Clinic and its relationship to fibrositis, fibromyalgia and myofascial pain syndrome Mayo Clin Proc 65: 1237-48; 1990

Wesselmann U, Burnett AL, Heinberg LJ The urogenital and rectal pain syndromes (Review) (282 refs) Pain 73(3): 269-94; 1997

World Health Organization: ICD 10.International Statistical Classification of Diseases and Related Health Problems, Geneva, World Health Organization, 1992

Copyright © Alessandra Graziottin 2002

[Terug naar boven]   [Voorgaande artikel]
De aangeboden informatie op deze site is bedoeld om de relatie die bestaat tussen de patiënt/site
bezoeker en zijn/haar bestaande arts te ondersteunen, niet te vervangen

WOMAN-II web site respecteert de privacy van bezoekers': persoonlijke gegevens worden niet opgeslagen, mits toestemming is verleend

Advertenties zijn niet toegestaan op de WOMAN-II web site
© Voor commentaar, neem a.u.b. contact op met : webmaster@womanlab.com

Laatste versie : 17/07/2003